Zo’n 2 kilometer buiten het huidige stadscentrum van Jericho ligt Tell es-Sultan – de heuvel van de sultan. Archeologen zijn het erover eens dat dit de locatie van het Bijbelse Jericho is. Dat maakt de plek erg interessant. Maar is het echt de plek waar Jozua op wonderbaarlijke wijze de stad innam? En wanneer zouden de muren dan zijn gevallen?
De Bijbel verbindt een bijzondere geschiedenis aan de inname van Jericho, een stad in het land Kanaän. Het volk Israël kreeg van God de opdracht om zes dagen lang een ronde om de ommuurde stad te lopen. Op de zevende dag moesten ze zevenmaal rond Jericho trekken en vervolgens met geschreeuw en hoorngeschal de aanval openen. De hoge stadsmuren stortten in en Jozua kon met zijn leger zo Jericho binnenklimmen. De Bijbel is het enige oude geschrift dat iets over Jericho zegt, en geen enkel Bijbelboek geeft zoveel details als Jozua.
Opgravingen
Er zijn in totaal vijf opgravingen geweest op de plek van het Bijbelse Jericho:
- Charles Warren onderzocht de plek in 1867-1868.
- Ernst Sellin en Carl Watzinger groeven van 1907-1909.
- Van 1930 tot 1936 onderzocht archeoloog John Garstang deze locatie. Hij kwam tot de conclusie dat de archeologische vondsten overeenkwamen met het verslag van de Bijbel.
- Tussen 1952 en 1958 onderzocht zijn collega Kathleen Kenyon de plek. Zij concludeerde dat er ten tijde van de intocht geen ommuurde stad op deze plek stond.
- Vanaf 1996 is er een Italiaans-Palestijns team bezig. Ook zij beweren dat Jericho in de tijd van Jozua geen muren had.
Wie heeft gelijk?
Garstang (de Bijbel klopt) en Kenyon (de Bijbel klopt niet) kunnen natuurlijk niet allebei gelijk hebben. De meeste mensen die zich in deze geschiedenis verdiepten zijn geneigd om met het gedachtegoed van Kenyon mee te gaan. Dan was er ten tijde van Jozua dus geen ommuurde stad, en zou het Bijbelse verslag verzonnen zijn. Maar wat zijn de archeologische aanwijzingen voor deze twee conclusies? Welke is het meest waarschijnlijk?
De muur was al snel zes meter hoog
Wat vond men?
Bij de opgravingen van het Duitse team in 1907 werd een steunmuur ontdekt. Die muur hield een aarden wal op zijn plaats. Bovenop de steunmuur stond een muur van kleistenen. Die stenen werden gemaakt van klei of modder (met stro erin voor de stevigheid) en vervolgens gebakken. Deze kleistenen muur was 1,80 meter dik en wel 6 meter hoog.
Je kunt je een redelijk beeld vormen van hoe Jericho eruit moet hebben gezien. De stenen steunmuur en de kleistenen muur die daarbovenop stond vormden de buitenste stadsmuur. Iets verder de heuvel op stond nog een bakstenen muur, van dezelfde afmetingen. Op verschillende plekken stonden torens die deel uitmaakten van de verdedigingswerken.
Zoveel hoofden, zoveel meningen
Er zijn verschillende visies op wat voor stad Jericho was, ook onder christenen. In dit artikel wordt de visie van Bryant Wood gevolgd omdat deze dicht bij de Bijbelse feiten ligt en volgens de auteur het meest betrouwbaar is.
Hoe de muur omviel…
De Bijbel geeft een heel specifiek verslag van hoe de muur instortte. Er staat in Jozua 6 vers 20 dat de muur ‘onder zich’ viel, en dat de Israëlieten daarna de stad in klommen. De bakstenen muur viel dus naar buiten toe en vormde zo een helling de stad in. Toen de teams van archeologen de steunmuur blootlegden vonden ze inderdaad de omgevallen muur van kleistenen die de steunmuur bedekte.
Kenyon maakt in haar verslag duidelijk dat niet de steunmuur, maar de kleistenen stadsmuur die erop stond was omgevallen. Dat is uniek: er is nergens anders een stad gevonden waarvan de muur op zo’n manier naar beneden is gekomen.
Alles verbrand
In Jozua 6 vers 24 staat nóg een belangrijk detail: zoals God had opgedragen plunderden de Israëlieten de kostbare dingen en staken ze de stad in brand. Toen John Garstang zijn opgravingen deed, vond hij een laag in de heuvel die duidelijk door vuur was verwoest. Garstang stelde dat het hier ging om het Jericho van de intocht. Kathleen Kenyon bevestigde later die verbrande laag. Men vond een laag van ongeveer een meter dik die vol zat met as en verbrand hout. Zowel Garstang als Kenyon vonden bij hun opgravingen vele kamers met grote aardewerken potten die vol zaten met verbrand graan.

Zijn deze huizen door Jozua verwoest? (Afbeelding: Getarchive)
Dat zijn opmerkelijke vondsten. In Jozua 3 vers 15 staat namelijk dat de Israëlieten door de Jordaan trokken toen die tijdens het oogstseizoen buiten zijn oevers was getreden. De graanoogst in die regio is in het voorjaar, rond het Pesachfeest. Dat betekent dat Jericho tijdens of vlak na de graanoogst werd ingenomen.
Het is bijzonder dat er graan in de verbrande stad werd gevonden. Graan was immers behoorlijk waardevol in die tijd. Plunderaars zouden dat hebben meegenomen. Maar de Israëlieten kregen de opdracht van God om de stad te verbranden, en niet te plunderen voor zichzelf. Logisch dus dat er in alle huizen grote kruiken met verkoold graan zijn aangetroffen.
Vervloekt
In Jozua staat dat eerst de muren instortten en toen de stad werd verbrand. Kenyon beschrijft in haar rapport dat dit ook was wat zij terugzag in Jericho. Boven de verwoeste laag vonden de archeologen sporen van erosie. Dat betekent dat de stad een hele poos onbewoond achter is gebleven. Jozua sprak een vloek uit over de stad; dat wie haar zou herbouwen zijn zonen zou verliezen. Pas in de tijd van koning Achab, in de 9-de eeuw v.Chr., werd Jericho herbouwd (1 Koningen 16:34).
Jericho is nu een tel
Het kwam in de oudheid vaker voor dat een stad meerdere keren werd verlaten, bijvoorbeeld door een verwoestende natuurramp of na een belegering. Vaak werd de stad dan weer op exact dezelfde locatie herbouwd. Daardoor ontstond er een soort kunstmatige heuvel in het landschap, dat een tel (of tell) wordt genoemd.
Je kunt een tel vergelijken met een taart die uit verschillende lagen is opgebouwd. De bovenste lagen zijn de jongste nederzettingen. Hoe dieper je graaft, hoe ouder de resten van de stad zijn. De lagen worden van jong tot oud genummerd. Laag I is dan de recentste beschaving. Aan de hand van voorwerpen (zoals aardewerk) kun je een schatting maken van wanneer welke laag bewoond was. De laag die aan het Jericho van Jozua wordt toegeschreven is laag IV.

Tell es-Sultan, ook bekend als Oud-Jericho. (Afbeelding: Wikimedia Commons)
Problem solved?
Het opmerkelijke is dat de volgorde van de lagen precies overeenkomt met de volgorde die in de Bijbel is beschreven. Probleem opgelost, zou je zeggen: dit moet gewoon ten tijde van Jozua zijn gebeurd. Toch is dat niet het hele verhaal. Waar de visies van Garstang en Kenyon verschillen is wanneer Jericho is verwoest. Garstang stelt dat Jericho in ongeveer 1400 v.Chr. werd verwoest, op basis van het aardewerk dat hij daar vond. Kenyon beweert dat die muur en de aslaag uit de midden bronstijd stamt (1550 v.Chr.). De Israëlieten zouden pas in de late bronstijd Kanaän zijn binnengetrokken: rond 1400 v.Chr. Die datum komt dus overeen met de datering van Garstang. Maar Kenyon dateert de verwoesting van Jericho 150 jaar vóór de intocht.
Als Kenyon gelijk heeft met haar datering, dan heeft dat grote gevolgen. Dan stond er namelijk helemaal geen stad meer toen de Israëlieten het beloofde land binnentrokken. Dat betekent dat ze het hele verslag van de belegering bij elkaar hebben verzonnen!
Aardewerk
Kenyon dateerde Jericho ook aan de hand van aardewerk. Ze verwachtte dat, als Jericho IV (zie kader hierboven) inderdaad het Jericho uit Jozua’s tijd was, er geïmporteerde potten uit Cyprus zouden worden gevonden. Dat type aardewerk was namelijk populair in die periode, en ook gemakkelijk herkenbaar. Omdat ze deze potten niet vond concludeerde ze dat de stad in de late bronstijd onbewoond was. Dat wordt een argument uit de stilte genoemd; een argument gebaseerd op de afwezigheid van bewijs. Deze vorm van argumentatie wordt over het algemeen als erg zwak gezien. Je weet namelijk nooit wanneer er een potscherf gevonden gaat worden die je juist verwachtte te vinden.
Garstang keek naar het aardewerk dat wél gevonden werd
Kathleen Kenyon zocht eigenlijk alleen maar naar het geïmporteerde aardewerk uit Cyprus. Garstang deed het anders. Hij keek naar het aardewerk dat wél gevonden werd. En dat was aardewerk van de Kanaänitische stijl. Hoewel de potten uit Cyprus nooit zijn gevonden, stuitte Garstang wel op een imitatie van de Cypriotische stijl. Die imitatie geeft aan dat het om dezelfde tijdsperiode moet gaan. Vergelijk het maar met de elektronische gadgets van tegenwoordig: iedereen wil een iPad, dus komen er goedkopere modellen tablets op de markt die ongeveer hetzelfde werken. In die tijd wilde iedereen het aardewerk uit Cyprus, dus werden er ook goedkopere kopieën van gemaakt.

Kruik uit Jericho (afbeelding: Wikimedia Commons, Talmoryair)
Kannen en kruiken
Bij opgravingen worden maar heel zelden geschreven stukken gevonden die iets over die plek vertellen. Archeologen moeten dus op zoek naar andere methoden om te bepalen wanneer welke laag van een tel bewoond was. Eén van de manieren om dat te doen is door te kijken naar het aardewerk dat je daar vindt. De vorm van aardewerk verandert namelijk door de tijd, net zoals bijvoorbeeld het model van auto’s of kapsels en mode veranderen. Daardoor kom je bepaalde vormen van potten en kruiken alleen maar tegen in bepaalde historische periodes. Een stuk aardewerk dat je dan op één plek vindt kun je vergelijken met een pot van een andere plek. Als ze hetzelfde model hebben is de kans heel groot dat ze uit dezelfde tijd stammen.
Geschiedschrijving
Het lijkt er dus op dat Jericho in de late bronstijd (rond 1400 v.Chr.) werd verwoest. Dat is precies zoals je op basis van de Bijbel mag verwachten. Desalniettemin blijft Kenyons visie gezaghebbend in de archeologie. Daar kun je wel een paar verklaringen voor geven:
- Kenyons opgraving was de recentste, en ook een hele grondige.
- Vooral in de tijd van Kenyon stond de Bijbel als ‘geloofsboek’ bij voorbaat op achterstand wanneer het om geschiedschrijving ging. Men geloofde gewoonweg niet dat een religieus boek tot in detail geschiedenis kon bevatten.
Tegenwoordig is er veel meer aandacht voor de historische uitspraken in de Bijbel. De publieke mening is helaas nog wel dat de Bijbel geen echte geschiedenis beschrijft. Maar daar kun je dus heel wat tegen inbrengen.
Weet Meer:
- Dit artikel verscheen oorspronkelijk in Weet 38 (2016). Bekijk hier de originele pdf.
- Vond je het interessant en wil je meer lezen? Neem dan een abonnement op Weet Magazine.
- Klik hier om het artikel ‘Is de Exodus echt gebeurd?’ te lezen.
- Klik hier om een artikel te lezen over archeologisch bewijs voor het bestaan van de rijken van David en Salomo.